Geschiedenis Rode Kruis-Kasterlee
De Rode Kruis-afdeling in de gemeente Kasterlee werd boven de doopvont gehouden, op 21 oktober 1942 na gunstig advies van de toenmalige gemeenteraad onder voorzitterschap van burgemeester Van den Putte. Officiële erkenning kwam er pas in mei 1943.
De mannen van het eerste uur hadden het natuurlijk niet gemakkelijk om in volle oorlogstijd van start te gaan met een hulpdienst. Hulpverlening was er bij een vliegtuigongeval in Grootrees (2 maart 1943) en een gelijkaardig ongeval in Vorsel (16 mei 1944). Verder werd eveneens hulp geboden bij het inslaan van een vliegende bom achter de pastorij en in Goor. Er werd voedsel en onderdak verleend aan geteisterden. Zelfs het afhalen en kisten van lijken was toen weggelegd voor de hulpdienst. Voor de oudste leden liggen de afgrijseljke taferelen in de septemberdagen van 1944 nog fris in het geheugen toen bij gevechten op Geel Ten Aard velen sneuvelden.
Na de oorlog breidde de Rode Kruis-werking zich stilletjes uit. In juli 1949 werd een uitleendienst opgestart. In datzelfde jaar werd er voor de eerste keer een zieke naar Turnhout vervoerd met een bestelwagen, een eigen "ambulance". Nieuwe impulsen kregen ook de bloedgevers in 1968 waarbij het eerste jaar 63 giften werden genoteerd.
Sinds 1966 werd de motorisering doorgevoerd met de aanschaf van een eerste ziekenwagen die voornamelijk werd gebruikt als ondersteuning bij de hulpposten. Vanaf januari 1977 werd de ziekenwagen ook ingeschakeld bij het ziekenvervoer.
De Kastelse jeugd kan sinds 1971 terecht bij het Jeugd Rode Kruis, de jongerenwerking.